woensdag 29 februari 2012

Ervaring Schwalbe Super Moto en afsluiting 02-2012

Sinds 27 januari rij ik achter niet meer met de Schwalbe Marathon Supreme (insnijding) of met de Schwalbe Kojak. Daar rolt nu een dikke Schwalbe Super Moto van 60 mm breed. Inmiddels zijn er ruim 750 kilometer onder de band doorgegaan, tijd voor een kleine review.
Het monteren van de band gaat relatief eenvoudig al kost het in eerste instantie wat moeite om de band tussen de achternaaf en de wielkuip te krijgen, het is immers een flinke lap rubber dat er tussendoor moet. En omdat het een vouwband betreft ligt de band ook erg snel op de velg. Gelukkig gebruik ik een brede velg (DMR DeeVee van 32mm breed) waardoor de band vlot op z'n plek ligt. Na het oppompen tot ca. 1 bar is de band kinderlijk eenvoudig te centreren zonder montagevloeistof. Het laatste stukje band dat nog scheef op de velg ligt is er snel uit als de band tot een goede 6 bar is opgepompt, met een duidelijke "plop" schiet de hieldraad in het velgbed en is de band perfect gecentreerd. Even weer wat lucht laten ontsnappen om tot de voorgeschreven maximale luchtdruk van 4 bar te komen en de Super Moto is klaar voor gebruik.
Het rijden met de Super Moto valt direct op door een soepele loop en een hoge mate van comfort. Van extra vering is niet echt sprake want doordat de band op 4 bar staat voelt'ie keihard aan. Wat wel direct opvalt is dat de band oneffenheden in de weg veel beter gladstrijkt. Vooral lengterichels worden minder doorgegeven omdat de brede band minder snel "opzij springt" door het brede kontaktoppervlak met de weg. Wat ook direct opvalt is de enorme rolomtrek van de band. Volgens de matentabel van Schwalbe komt de Kojak 26x2.00 tot 2.075m omtrek terwijl de Super Moto 26x2,35 tot 2.160m omtrek komt. Ik heb het niet nagemeten maar Schwalbe zal er niet veel naast zitten. Door die enorme omtrek voelt het alsof ik een versnelling lager kan rijden om dezelfde snelheid te bereiken. Dit is natuurlijk flauwekul want het percentage dat de Super Moto groter is t.o.v. de Kojak is vele malen kleiner dan het procentuele verschil tussen de twee versnellingen. Maar goed, het is een gevoel en het voelt goed. Wat wel duidelijk voelbaar is, is dat de topsnelheid in de "hoogste versnelling" (ik rij altijd op het middenblad vóór) meetbaar hoger ligt. Kwam ik voorheen met de Kojak bij 100 omwentelingen per minuut tot ongeveer 47 km/uur, met de Super Moto ligt de snelheid 2 km/uur hoger, een daadwerkelijk meetbaar verschil (en ook te berekenen).
Hoe het met de lekbestendigheid van de Super Moto is gesteld kan ik nog niet beantwoorden. Tot op heden heb ik geen lekke banden mogen meemaken, en dat wil ik ook graag zo houden. Ik heb onder diverse verschillende condities gereden. Van echte regen (nat wegdek), miezer (vochtig wegdek) tot droge omstandigheden (droog en koud wegdek). Tot nu toe ben ik dus een zeer tevreden Super Moto gebruiker.

Februari 2012 gaat de boeken in als een maand met minder dan gemiddeld aantal kilometers. Een flinke griep gooide roet in het eten, en februari is al een korte maand (hoewel, we hebben er dit jaar zomaar een dagje extra bij gekregen...). Ik sluit februari af met slechts 518 kilometer. En of maart 2012 heel veel beter wordt weet ik nog niet, zaterdag gaat mijn fiets naar de spuiter en daarna naar de bestickeraar. Hoe snel ik mijn fiets weer terug heb, en'ie weer geheel gemonteerd is is nog even afwachten.

maandag 27 februari 2012

Weer een nieuwe velonaut voor Noord Holland

Een maar dagen geleden berichtte de eigenaar van mijn vorige ligfiets (de Challenge Seiran 24") dat ook hij aangestoken is met het velomobielvirus. Hij heeft een VM.nl Strada aangeschaft en hoopt in juni deze in ontvangst te nemen. De exacte specificaties weet ik niet maar vanaf juni zal hij zijn ww-verkeer tussen Zaandam en Hoofddorp per Strada gaan doen.
Wilco, alvast heel veel plezier ermee en als het uitkomt lijkt het me leuk om je op te wachten in Dronten en dan samen jou VM richting Noord Holland te sturen!

zondag 19 februari 2012

Rondje Meijendel


Na een week van (flinke) griep besluit ik aan de voormiddag van een nieuwe werkdag om eens even te zien hoe het met de conditie staat. En omdat mijn fiets pas 3 maart opgehaald wordt door de spuiter geeft mij dat nog twee weken om lekker te genieten van de pre-lente (positief blijven) en Q284. Snel dus even een lapje warm water over de Quest gehaald zodat ze er weer toonbaar uitziet, de bandjes op spanning en gaan met de banaan. 
Eerst even zo snel mogelijk de stad uit richting het Valkenburgse Meer om dan via de Oude Trambaan (betonnen platen) richting Wassenaar te koersen. De eerste kilometers hagelt het lichtjes maar het mag eigenlijk geen naam hebben want voor ik Wassenaar bereikt heb is het al gestopt en breekt het zonnetje door. Ik volg de doorgaande route door Wassenaar via de Van Zuylen van Neijeveltlaan en de Van Oldenbarneveltweg richting Meijendel. Het is heerlijk om over de rijbaan te rijden, het is rustig met auto's en het gaat tegen de 40 km/uur. Eventuele achteropkomers zullen niet al teveel worden opgehouden.
Bij Auberge de Kieviet sla ik rechtsaf om een paar honderd meter later aan de voet van een mooie "klim" te staan. Een mooiere graadmeter voor de achteruitgang van mijn conditie is er niet. Normaalgesproken klim ik hier gewoon met 26 km/uur tegenop maar vandaag gaat het krap aan met 18 km/uur. Bovenaan aangekomen geeft de Polar een hartslag van 168 slagen per minuut aan. Vanaf dit punt rij ik Meijendel in en kom ik tot Katwijk slechts 1 keer auto's tegen. En door het wisselvallige week (blijkt achteraf) kom ik ook weinig fietsers tegen. De fietsers die ik tegenkom zijn OF Japanse toeristen OF bukkers. Het was dus een heerlijk middagje RIS-sen. 
In Meijendel schijnt de zon schitterend door de bomen maar ik heb de moeite niet genomen om een paar plaatjes te schieten. Ik zou immers maar anderhalf uur wegblijven en ik wil mij aan die afspraak houden. Bij de pannenkoekenboerderij sla ik rechtsaf en verlaat ik het bos-gedeelte van Meijendel en rij het duin-gedeelte in. Bij de volgende T-splitsing zouden volgens mij een paar flinke snelheidsremmers liggen (twee omgekeerde verkeersdrempel direct achter elkaar) maar deze zijn vervangen door een grote lange verkeersdrempel. Deze zijn een stuk beter berijdbaar vergeleken met de vroegere situatie, een redding voor de onderkant van de Quest. Vanaf dit punt volg ik de Noordzee-fietsroute LF1 richting Katwijk. Wat vanuit de Quest niet te zien is (en vanaf de gewone fiets ook bijna niet) zijn de schitterende kleine meertjes die in de Zuid Hollandse Duinen liggen. Helder en schoon water dat eerst als "vuil" water door het Duinwaterleidingbedrijf de duinen is ingepompt, om er later "schoon" weer uitgepompt te worden. Wil je echt van deze mooie meertjes genieten, dan moet je een van de vele uitzichtpunten op de duintoppen bezoeken. Verder fietsend kom ik bij Fletcher Hotel Duinoord, vroeger bekend van de bezoekjes van Ajax (heel vroeger...) en op dat punt moet ik even een weg oversteken. Hoewel het autoverkeer hier voorrang heeft schrikt een Duitser met een dikke Audi van de gele neus van mijn Quest en gaat vol in de ankers om mij voorrang te geven. Heel vriendelijk, maar niet nodig. En zo gaat het fietspad weer verder richting Katwijk.
Eerst weer een mooi klimmetje gevolg door een afdaling waar ik geen gebruik van kan maken. In het asfalt zijn een soort kinderkopjes gedrukt. Die kinderkopjes doen de Quest zo schudden dat'ie bij hogere snelheden wellicht onbestuurbaar zou kunnen worden. Dit deel van de route is meer kronkelig en kent meer hoogteverschillen. Evengoed een mooi deel van de route. Vlak voor het einde van het fietspad houdt dit ineens op en moet ik uit de Quest om door de berm naar het voetpad te lopen.
Ik vervolg mijn route over de boulevard van Katwijk richting de uitwatering waarna de route weer "landinwaarts" gaat richting Katwijk-Binnen. De wind in de rug en licht berg afwaarts gaat het al gauw loopt de snelheid richting de 50 km/uur, automobilisten in hun koekblik vertwijfeld achterlatend, heerlijk! Even snel weer een stukje over het fietspad omdat ik bang ben dat de route over de rijbaan van de rotonde niet de meest veilige is. In de Rijnstraat in Katwijk volg ik weer de rijbaan waar ik even later vol in de ankers moet voor een automobilist die meent voorrang te hebben van rechts terwijl ik toch echt op een voorrangsweg rij. Een flinke toeter maar meneer en mevrouw "Oud" lijken het echt niet te snappen of door te hebben. Ach, ik ben er zonder kleerscheuren vanaf gekomen dus "laat maar".
De rest van de route gaat door de bebouwde kom van Rijnsburg en Oegstgeest, en op sommige plekken gaat de snelheid weer ruim boven de 40 km/uur, maar eigenlijk valt hier niets meer over te schrijven. Het rondje fietsen was "slechts" 35 km, maar evengoed lijkt het met de conditie best nog goed te zitten. Komende week heb ik 4 vroege diensten en 1 late dienst, dat moet toch minimaal 2 keer met de fiets naar Utrecht worden.....

donderdag 9 februari 2012

Toch nog rijden in de kou.

Schreef ik laatst nog dat deze week waarschijnlijk een "niet-fietsen-week" zou worden, nu mag ik mijzelf scharen onder de dappere-der-dapperen die de kou trotseren. Gewapend met motorcol, fleecemuts, thermo-ondergoed en een extra isolatielaag kleding schoof ik dinsdag 7 februari in de Quest. Ik moest om 05:30 uur beginnen in Utrecht dus vertrok ik om 03:00 uit Leiden. De wetenschap dat het door de inmiddels voor Nederlandse begrippen extreme kou weleens erg   t r a a g   zou kunnen gaan deed mij besluiten niet 9 kwartier maar 2,5 uur voor aanvang dienst te vertrekken. En   t r a a g    ging het. Althans, dat bleek bij aankomst in Utrecht.
De eerste kilometers door slapend Leiden gingen rustig aan. Hoewel ik mijn handschoenen, schoenen, overschoenen en muts op de kachel had gelegd bleek er van enige restwarmte na 3 kilometer niets meer over. Gelukkig stond de interne kachel vol aan en was het goed te doen.
Na Leiden komt een randje Zoeterwoude waarna ik de polder in duik richting de N11. Hier volgt de kennismaking met de echte kou, de wind heeft hier immers vrij spel en waait mijn vanuit het noord-oosten met kracht 3-4 tegemoet. Het Schermer-schermpje doet zijn werk goed en duwt de meeste wind over mij heen. Toch weten enkele windvlagen mijn wangen te bereiken. Die heb ik voor vertrek voorzien van een dikke laag vaseline en ze worden daardoor goed beschermd. De buitentemperatuur was volgens mijn weer-app op mijn telefoon ongeveer 6 graden onder nul, tel daarbij de matige tegenwind op en je komt op een gevoelstemperatuur van ongeveer -12 graden.
Het fietspad langs de N11 richting Alphen aan den Rijn is wonderbaarlijk genoeg geheel sneeuwvrij (had ik de vorige dag vanuit de beschutte omgeving van mijn auto gezien, anders was ik nooit gaan fietsen) op een enkel bevroren plasje smeltwater na. De Schwalbe Marathon Supreme's vóór, en de Schwalbe SupeMoto achter  hebben geen enkele moeite met de gesteldheid van het wegdek. Geen enkel moment heb ik gevoeld dat de Quest een andere kant op wilde gaan dan ik haar stuurde. Wel merk ik dat de kou het rubber nog een stuk harder maakt. De avond voor vertrek had ik de banden nog op druk gebracht (maximaal toegestane spanning) en dat maakte dat de vering (ook een stuk straffer door de kou) minimaal was. Trillingen veroorzaakt door ijsrichels werden linea recta doorgegeven aan de koets en soms vreesde ik dat deze temperaturen ervoor zouden kunnen zorgen dat de veren in de schokdempers zouden breken. Dat laatste heb ik gelukkig niet geconstateerd.
Na Alphen aan de Rijn koos ik voor de Steekterweg in plaats van de Oude Steekterweg. Langs de Steekterweg staan meer huizen waardoor de beschutting groter is. Maar mocht er iets gebeuren onderweg, dan ben ik meer in de bewoonde wereld dan wanneer ik de route langs het water kies. Voor mijn gevoel gaat het nog steeds redelijk vlot, ik kijk niet naar mijn snelheidsmeter maar gok dat het zo tegen de dertig per uut moet gaan. Eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ik de snelheid nu ook van absoluut ondergeschikt belang vind. Laverend door de stukken ijzig fietspad en het ontwijken van sommige opgevroren weggedeelten maakt dat het kijken op de snelheidsmeter een no-go is.
Zwammerdam slaapt rond dit tijdstip ook nog, het is inmiddels ergens vlak voor vieren. De krantenbezorger schrikt op van mijn aanwezigheid als hij zonder te kijken de weg wil oversteken. Gelukkig is de weg droog en niet glad, de 90mm trommelremmen doen hun werk feilloos. En wat een verademing als blijkt dat adrenaline een heerlijk verwarmend effect heeft!
Over de brug en weer verder langs het water richting Bodegraven. Daar kom ik een minuut of zes later aan. Ook hier niets dan slaap, slaap en nog eens slaap. Wel een blaffende hond die het uitklikken van mijn pedalen blijkbaar een goede rede vind om aan te slaan. Tsja, die koude wind door mijn Quest maakt dat mijn blaas zichzelf graag wil ontdoen van een warme plas. Gelijk een hond kies ik een mooie lantaarnpaal en wurm mijzelf uit mijn fiets. Door de verschillende lagen kleding heen is het lastig manouvreren met handschoenen maar uiteindelijk lukt het mij om ijsklontjes op een lantaarnpaal te vormen zonder dat mijn kleding nat wordt.
Bodegraven blijkt ook te snappen dat wegen tijdens deze dagen schoongemaakt moeten worden, de klinkertjes zijn iets glad maar ongeschonden kom ik aan bij de N458 die mij richting Woerden zal begeleiden.  Ik kies voor de hoofdrijbaan hoewel het naastgelegen fietspad een schoon uitziet. Slechts een enkele vrachtwagen passeert mij op dit 10 kilometer lange traject tussen Bodegraven en Woerden. Ik hou altijd de inhoud van mijn spiegels strak in de gaten. Hoewel ik niet bang uitgevallen ben wil ik niet "verrast worden" door onaangekondigde bezoekers aan mijn Quest-adres. Een uitvlucht richting (bevroren) berm behoort altijd tot de mogelijkheden, maar als ik het kan voorkomen...
Woerden...... Het is dat het een onderdeel van mijn woon-werkroute is, maar ik heb er een haat-liefde verhouding mee. Vorig jaar nog lag ik hier twee maal het asfalt van dichtbij te bestuderen. Toch is een alternatieve route geen optie. Ik rij "om" Woerden heen via 's-Gravensloot, een smalle weg waar twee auto's elkaar niet kunnen passeren zonder dat er een in de berm gaat staan. En vooral op dit soort vroege momenten lijkt het erop dat automobilisten niets liever dan dan mij hier passeren. Nu (in de winter) langs de randen van de weg opgevroren hopen sneeuw en ijs liggen lijkt het dat automobilisten de risico's voor lief nemen en de gok toch wagen. Tsja, wat wil je als er een velomobilist voor je rijdt met, pak 'm beet 29 km/uur, terwijl jij hier met je auto 30 km/uur mag rijden, dan wil je er toch zo snel mogelijk voorbij? Ook in de zomer als mijn snelheid hier tegen de 40 km/uur ligt lijken de automobilisten hier niets liever te willen dan voor dat rare gele apparaat te rijden. Onderaan de streep blijkt vaak dat aan het einde van 's-Gravensloot ik weer aansluit achter diezelfde automobilisten omdat ze moeten wachten voor passerend verkeer. Nog mooier is het als ik er zonder problemen voorbij kan schuiven en over het fietspad opnieuw voorsprong kan opbouwen. Dan mogen ze mij verderop bij Geestdorp weer voorbij, wat een plezier!
Ik verlaat Woerden (waar de thermometer -8 graden aangaf) en vervolg mijn weg via Breeveld, het favoriete deel van mijn w.w.-route. Ook nu geniet ik van de (witte) omgeving, de stilte om mij heen, de enkele koe op stal die zich laat horen en de krantenbezorger die met groot licht achter mij rijdt en er met geen mogelijkheid voorbij kan. Soms vraag ik mij af, gebruiken deze idioten hun hersencellen niet, of ontbreken ze gewoon domweg. Ik zal er nooit achter komen want ik vertik het om voor ze te stoppen.
Breeveld brengt me naar Harmelen en de klok geeft aan dat het 10 voor 5 is. Vanaf hier is het nog een goede 10 kilometer naar 030. Afgelopen zomer deed ik dat in 17 minuten, nu blijkt (achteraf) dat ik voor diezelfde afstand bij 35 graden lager ruim 25 minuten nodig heb. Tussen Harmelen en de Meern is recent een "speed-trap" opgesteld. Je weet wel, zo'n verkeersbord dat aangeeft hoe hard je rijdt, al dan niet aangevuld met een :-) of een :-(. Voor mij werd aangegeven dat ik een keurige 30 km/uur reed, uiteraard aangevuld met een groene smiley. In De Meern koos ik weer voor de busbaan omdat deze zeker sneeuwvrij zou zijn. Het voordeel van de busbaan is dat ik er niet aangereden word door slaperige automobilisten die zonder te kijken (achteruit) de weg op komen draaien. De busbaan is verder voorzien van een keurige laag glad asfalt hetgeen de snelheid alleen maar ten goede komt.
En zo glijdt De Meern ook onder de wielen door en komt de A2 in zicht. Hier loopt mijn snelheid op tot een duizelingwekkende 33 km/uur als gevolg van een kleine afdaling. 33 km/uur.... In de zomer baal ik als een stekker als dit mijn gemiddelde snelheid is, nu moet ik het voor lief nemen dat het mijn maximum is. Nu nog een klein stukje langs het Amsterdam-Rijnkanaal richting de Prins Clausbrug om nog een klein stukje door Kanaleneiland te fietsen richting het ROV. Daar aangekomen is het nog 100 meter glibberen voordat ik mijn inmiddels aan de binnenzijde bevroren Quest mag verruilen voor het verwarmde kantorenpand waar het Regiecentrum Openbaar Vervoer van Connexxion huist.
Moe, voldaan en met koude tenen betreed ik de vloer. Collega's zijn verbijsterd over het feit dat ik de 60 kilometer lange w.w.-rit per fiets heb afgelegd. Ze vinden het knap maar voor mij geldt het "slechts" als een overwinning op mijzelf. Vanmiddag terug naar Leiden zal de zon weer lekker schijnen en zal het minder koud zijn. Ik had er toen al gelijk zin in.

vrijdag 3 februari 2012

Gebrek aan het gelukshormoon...

Het is nu echt winter. Buiten is het koud, of nog veel erger, het sneeuwt. Q284 staat in haar "garage" maar krijgt een koude kont. De verrijdbare "garagedeur" is namelijk nog niet klaar. Hoewel ik mijzelf had voorgenomen om de "garage" dit weekend af te maken (ik heb immers drie hele dagen weekend) houd de kou mij tegen. Ach, over twee weken heb ik weer weekend...

Deze week heb ik niet gefietst. De temperaturen ver onder de nul graden houden mij tegen. Mijn forensenroute en -momenten staan het niet toe om te rijden tussen Leiden en Utrecht. Immers, om 06:00 uur beginnen betekend vertrekken uit Leiden om 03:30. En bij temperaturen als -7 graden vind ik het risico van onderkoeling bij een dergelijk tijdstip te groot. Als er iets gebeurt is de kans op hulp mijns inziens te klein. Overdag zou ik het nog wel aandurven, maar zo vroeg in de ochtend (nacht)???
Nu ligt er sneeuw, wederom een goede reden om NIET in de Quest te kruipen. Ook komende week blijft het weer onvoorspelbaar, koud en onaantrekkelijk. Daar komt bij dat Q284 komende week een ingrijpende transformatie ondergaat. Ze zal ontdaan worden van haar top, gedeeltelijk gedemonteerd worden om voorzien te worden van nieuwe lagers en gecleand en opnieuw gesmeerd worden. Daarnaast krijgt de buitenzijde een flinke schuurbeurt, zal de schade hersteld worden en krijgt de Quest een nieuw laagje beschermende kleur- en blanke lak. Daarna zal de reclame-uiting aangebracht worden en wordt Q284 weer volledig gemonteerd. Al met al zal ik haar een goede week moeten missen in de voortuin, of onder mijn kont.
Waarom dan de titel van dit artikel? Simpel: Sporten is gezond, zowel voor het lijf als voor de geest. Dat laatste komt door het hormoon Serotine, ook wel het gelukshormoon genoemd. Dit hormoon zorgt voor de vorming van nieuwe hersencellen en verbetert het leervermogen, concentratievermogen en het lange termijn geheugen. Ook worden slaapproblemen minder. (bron: Sportmissie) Gelukkig kan ik uit een redelijke voorraad Serotine putten (kan niet, maar goed) en heb ik een immer positieve instelling. De twee weken moeten wel goedkomen. Tot die tijd zijn er dus geen "fietsbelevenissen" te lezen. Ook een review over de voor mij nieuwe Schwalbe Super Moto vind ik nog te vroeg hoewel  de eerste vier ritten van 60 kilometer veelbelovend zijn! Later meer daarover.